Netwerk Prenatale Diagnostiek Nijmegen

De ziekenhuizen in de regio Nijmegen werken samen op het gebied van prenatale screening, diagnostiek en therapie. Zij vormen het Netwerk Prenatale Diagnostiek Nijmegen, afgekort NPDN. Centrum van het netwerk is het UMC St Radboud. De andere ziekenhuizen zijn de zogenaamde ‘satellieten’.

De volgende ziekenhuizen maken deel uit van het NPDN:

  • Arnhem, Ziekenhuis Rijnstate
  • Den Bosch, Jeroen Bosch Ziekenhuis
  • Ede, Ziekenhuis Gelderse Vallei
  • Enschede, Medisch Spectrum Twente
  • Nijmegen, UMC St Radboud
  • Tilburg, St. Elisabeth ziekenhuis
  • Tilburg, Tweesteden ziekenhuis

Prenatale screening en diagnostiek

Alle satellietziekenhuizen voeren prenatale screening en diagnostiek uit. Er is één uitzondering: de Gelderse Vallei in Ede. Dit ziekenhuis verricht geen invasieve diagnostiek, dat wil zeggen: geen vruchtwaterpunctie of vlokkentest. De gynaecoloog verwijst daarvoor  naar Rijnstate in Arnhem, of naar het UMC St Radboud.

Diagnostiek (beoordeling) van afgenomen vlokken en vruchtwater verricht alleen het UMC St Radboud. Dit gebeurt in het laboratorium van de afdeling Cytogenetica. Het laboratorium is geaccrediteerd, dat wil zeggen: goedgekeurd door de CCKL (Coördinatie Commissie ter bevordering van de Kwaliteitsbeheersing op het gebied van Laboratoriumonderzoek in de Gezondheidszorg).

Als er een afwijking is gevonden

Heeft u prenatale screening of diagnostiek ondergaan in een van de satellietziekenhuizen en is bij uw kind een afwijking gevonden? Uw gynaecoloog overlegt dan met het centrum van het NPDN, het UMC St Radboud. Uit dit overleg kan naar voren komen dat vervolgonderzoek in het UMC nodig is. U krijgt in dat geval een afspraak bij de afdeling Prenatale Diagnostiek en Therapie van het Radboud.

Bezoek aan het Radboud

Tijdens uw bezoek aan het Radboud herhaalt de behandelend arts het echoscopisch onderzoek dat u bij uw eigen gynaecoloog al heeft gehad. Daarna legt hij uit welke afwijkingen hij gevonden heeft en wat dat voor uw kind betekent. Zonodig roept hij hierbij de hulp in van een kinderspecialist. Bijvoorbeeld een kinderhartspecialist, kinderchirurg, kinderuroloog, kinderneuroloog of neonatoloog. De kinderspecialist vertelt uitgebreid wat uw kind na de geboorte te wachten staat en welke vervolgonderzoeken of -behandelingen na de geboorte nodig zijn.

Het kan zijn dat de arts een erfelijke aandoening heeft gevonden, of dat hij een syndroom vermoedt. U krijgt dan een afspraak met een klinisch geneticus. Misschien heeft u daarna emotionele begeleiding nodig. Een gesprek met de maatschappelijk werkster is in dat geval mogelijk. Zij werkt nauw samen met de afdeling Prenatale Diagnostiek en Therapie en is vertrouwd  met de emoties die vrouwen hebben in deze situatie.

Alle afspraken op één dag

De afdeling Prenatale Diagnostiek en Therapie plant bij voorkeur al uw afspraken op één dag. Maar soms is dit niet mogelijk en moet u nog een keer terugkomen voor een vervolgonderzoek of -gesprek.

Vragen?

Het is belangrijk dat uw vragen zoveel mogelijk beantwoord worden tijdens de gesprekken die u voert met de artsen of de maatschappelijk werkster. Bedenk daarom alvast van tevoren welke vragen u wilt stellen en schrijf ze op, zodat u achteraf niets vergeten bent.

Uw verwijzer

Als uw echo-onderzoek en de gesprekken afgerond zijn, wordt uw verwijzend arts zo snel mogelijk telefonisch op de hoogte gebracht van de bevindingen. Naderhand gebeurt dat nog eens schriftelijk.

Hoe gaat het verder?

Na uw eerste bezoek(en) aan het Radboud gaan de specialisten die betrokken zijn bij prenatale screening en diagnostiek, in overleg. Samen bepalen ze welke controles u nodig heeft in de rest van uw zwangerschap en na de geboorte van uw kind. Bij dit overleg speelt de kinderarts een belangrijke rol. Meestal is uw eigen gynaecoloog ook aanwezig. Na dit zogenaamde ‘multidisciplinaire overleg’ hoort u van uw gynaecoloog wat eruit naar voren is gekomen. Uw gynaecoloog, of verloskundige voert de benodigde controles meestal uit.

Soms is het nodig dat u nog een aantal echo-onderzoeken in het UMC St Radboud laat verrichten. Ook kan het soms nodig zijn dat de verdere zorg en uw bevalling in het UMC plaatsvinden. Bevallen in het Radboud is bijvoorbeeld nodig als uw kind na de bevalling intensieve zorg nodig heeft. De gynaecoloog van het Radboud neemt in dat geval aan het einde van de zwangerschap de zorg over van uw eigen gynaecoloog en hij maakt met u afspraken over de bevalling.

Blijft u onder behandeling bij het Radboud, dan worden uw gynaecoloog, verloskundige en huisarts zoveel mogelijk op de hoogte gehouden van alle afspraken en beleid.

De uitslag van het echo onderzoek en het verdere plan van aanpak en begeleiding van de zwangerschap wordt vaak direct na het echo onderzoek met u doorgenomen. Soms wordt gewacht tot na het multidisciplinaire overleg met het doorgeven van een beleid. De echo uitslag krijgt u bijna altijd direct te horen.

Heeft u nog vragen?

Heeft u na afloop van alle onderzoeken, controles en behandelingen, of na de bevalling nog vragen? Bel gerust naar de afdeling Prenatale Diagnostiek en Therapie. U vindt het telefoonnummer op de pagina Contact.

Print   |   Verstuur   |   © 2009-2010 NPDN
Design and CMS by Easy-Changer.Com